Geschiedenis

Oprichters
Terug naar het begin, het was op een  koude winteravond 27 januari 1956 dat vier mensen uit Middelaar naar het afscheidsfeest gingen van wachtmeester Martens bij Jan Voss in Mook. Het waren Tön Haegens, Cor Groenen, Hans en Harrie Lemmens (de smid). Tijdens die avond toen de feeststemming haar hoogtepunt naderde, besloten de vier om in Middelaar een Vastenavondclub op te richten, zoals het verslag van Tön aangeeft. Men besloot verschillende mensen te polsen om bij de club te komen. Omdat de tijd tot aan het carnaval erg kort was, belegde men op 31 januari 1956 een vergadering bij Jan Derks (van Nöl). De volgende personen waren hierbij aanwezig: Tön Haegens, Cor Groenen, Hans Lemmens, Harrie Lemmens, Jan Derks, Wim van Wolferen, Piet Meussen, Sjang Schoonhoven, Hein Groenen, Albert Hermsen, Gerrit Sengers, Wim Nagels, Albert Lemmen, Hendrik Smits, Knilles van Duijnhoven en Theij Verheijen. Naar verluidt waren ook de dames van deze “founding fathers” hierbij aanwezig, waarschijnlijk om aan te horen wat hun nu weer te wachten stond.

Naam

Maar de dames bleken niet van plan alleen maar van de zijlijn toe te kijken want uiteindelijk waren zij het die met de naam De Krölstarte voor de dag kwamen, de naam die het tot op heden nog steeds is. Dit terwijl de mannen, verwijzend naar het karakteristieke wroeten van varkens in de grond, als De Dubbers door het leven wilden gaan. Dit was dus de eerste overwinning van de dames.

Pastoor
Het besluit werd genomen om met de mensen die op de vergadering aanwezig waren voor de eerste keer als carnavalsclub op te treden. Probleem was echter nog, waar het carnavalsfeest te vieren. Het toenmalige parochiehuis was een optie, maar zou men wel toestemming krijgen van de pastoor en de  hoofdonderwijzer? Juist deze notabelen hadden toen nog een dikke vinger in de pap en de hoofdonderwijzer vond carnaval maar niks. Dan maar een gesprek met de pastoor. Tön belde aan en de pastoor begroette hem met: “Kom d’r mar ien jong en wa hèdde op ow hart”. Tön vertelde dat men een carnavalsclub wilde oprichten en dat men al voldoende mensen had om hieraan mee te doen, maar dat de locatie nog
een probleem vormde. De pastoor was direct enthousiast en in het Tegels plat zei hij: “Dèt is un sjoon idee en doe helst nie einen daag, nie tweej daag, mar
dreij daag carnaval en ien het parochiehuus”. De toenmalige pastoor, Theike Driessen, zag er wel brood in om zo wat inkomsten voor het parochiehuis te
vergaren. Hoe hij het verder met de hoofdonderwijzer heeft afgewikkeld, vermeldt de historie niet, maar carnavalsclub De Krölstarte was een feit.

Prins Jan d’n Örste en de eerste Raad van Elf

Op woensdag 8 februari 1956 werd Jan van Nöl (Derks) tot eerste prins gekozen en 54 prinsen zijn hem tot nu toe opgevolgd. Tön Haegens was gedurende een aantal jaren de grote animator achter het carnaval. Toen in 1959 een aantal leden van de oude garde het voor gezien hield en er zich een aantal jongeren aandiende, wilde men die in het gezelschap opnemen. Dit was echter buiten de waard gerekend want het vijftiental jongeren wilde het liefst zelf de touwtjes in handen nemen. Op een vergadering in Plasmolen, bij Driek Bouhuis thuis, werd besloten hun het voordeel van de twijfel te geven en uit hun midden een nieuwe Prins te kiezen en een Raad van Elf samen te stellen. Er werd voor het eerst ook een bestuur gekozen bestaande uit de oprichters Tön Haegens, Hans Lemmens en Cor Groenen en van de jonge garde Piet Siebers en Sjef Braks. Bij de eerstvolgende vergadering toen er van de allereerste groep nog slechts twee mensen over waren en er nog 200 gulden in hun kas bleek te zitten, werd dit geschonken aan de vereniging. In 1961 heeft Tön Haegens Middelaar verlaten. In het bestuur werdbhij opgevolgd door Jan Jansen, waarbij Piet Siebers tot voorzitter en Sjef Braks tot secretaris/penningmeester werden benoemd. Vanaf dat moment was er sprake van een gestructureerd bestuur. Hier kan men vaststellen, dat in de jaren voor 1961 het carnaval door een aantal mensen spontaan georganiseerd werd waarbij Tön Haegens, wanneer het carnaval naderde, het initiatief nam.

Vreugde en verdriet

De beginjaren waren achter de rug en het jaarlijks terugkerende carnaval had een vaste plaats gekregen binnen de Middelaarse gemeenschap. Telkens waren het de bestuurders die in de jaren die volgden het initiatief namen en meestal in de oktobermaand aan de slag gingen om het carnaval te organiseren. Soms was de organisatie een hels karwei, dan weer ging het van een leien dakje. Het spreekwoord “vele handen maken licht werk” is hier zeker van toepassing, want zonder de inzet van zeer velen uit onze gemeenschap was het bij lange na niet gelukt om het 55 jaar vol te houden. De jaren gingen gepaard met vreugde, maar ook verdriet. We denken dan aan onze oud-prinsen die in de loop der jaren zijn overleden. Er wordt in het jaar dat zij prins waren aandacht aan besteed. Een zwarte bladzijde in de geschiedenis van ons bestaan is het noodlottige ongeval dat plaats had op 3 maart 1984 toen Lammie Wolters na een avond met ons carnaval te hebben gevierd zwaar gewond raakte door een aanrijding en een dag later overleed. Het carnaval was voorbij voor heel carnavalvierend Middelaar. Het was afschuwelijk voor de familie en direct betrokkenen, maar het was ook bijzonder triest voor onze toenmalige Prins Wim de Vierde. De hele gemeenschap leefde intens mee, dit gaf aan hoe groot ons dorp dan kan zijn.

Jubilea

Vreugde heerste er bij de viering van onze jubilea, het 11de en 22ste jaar werden nog niet zo uitbundig gevierd als het 33ste, 44ste en het huidige 55ste
jaar. Maar het plezier en de vreugde waren er niet minder om. De laatste drie jubilea werden in een tent gehouden, met voor elk wat wils, voor de kinderen
clowns, voor anderen optredens van diverse artiesten, met als hoogtepunt bij het 44-jarig jubileum “De Schintaler”. Grote festijnen waren wel steeds de
jubileumrecepties waar heel Middelaar en omstreken voor uitliep. Veel carnavalsverenigingen uit de regio, lieten zich daar met muziek en dansgardes
van hun beste kant zien. Het werden marathon-recepties die van ‘s morgens elf tot ’s avonds tien uur duurden.

Naschrift, november 2010

Deze tekst is ontleend aan het boek C.V. De Krölstarte Middelaar, 1956 – 2010, 55 jaar carnaval tussen Maas en Zevendal dat is verschenen bij gelegenheid van
het 55 jarig jubileum van CV De Krölstarte in 2010. In dat boek wordt geput uit herinneringen, verhalen, oude carnavalskranten, archiefstukken en foto’s.
Speciale vermelding in dit verband verdient Piet Siebers die veel zaken rond het Middelaarse carnavalsgebeuren aan het papier heeft toevertrouwd en van
wiens aantekeningen in het jubileumboek dankbaar gebruik is gemaakt.
Sjaak Kroon

Naschrift, november 2015
Inmiddels (november 2015) zijn we al weer stevig op weg naar het 66-jarig jubileum in 2021. Bij die gelegenheid komt er wellicht een update van bovenstaande geschiedenis. Hier volstaan we met een paar kleine aanvullende notities.  Het 55-jarig jubileum betekende voor CV De Krölstarte vooral doorgaan op de ingeslagen weg, met een actief Bestuur en Jeugdbestuur, een steeds verjongende Raad van Elf, elk jaar opnieuw een prachtige Prins en Jeugdprins(es) en, dankzij een actieve Boerenbruiloftcommissie , een mooi Boerenbruidspaar. Eervolle vermelding verdienen hier zeker ook onze fantastische Hofkapel De Everlanders die bij alle carnavalsactiviteiten voor de muzikale ondersteuning zorgt en onze in 2014 gestarte Jeugddansgarde De Regenbooggirls. 
Vanaf 2013 vieren we weer carnaval in de Koppel, het tot multifunctioneel centrum omgetoverde oude Dörpshuus dat tijdens de carnaval als vanouds d’n Trog heet. En in het seizoen 2015-2016 kunnen we ook weer terecht in Café Kiste Trui. Met onze terugkeer naar de Kist is de cirkel eigenlijk weer rond en speelt het legendarische café van de gezusters Fien en Lies Hendriks, nu uitgebaat door John Bos,weer een centrale rol bij het begin en eind van het Middelaarse carnaval. Bij al deze positieve berichten valt de korte periode waarin de vereniging door toedoen van haar voormalige penningmeester in de financiële problemen raakte eigenlijk in het niet en kunnen we financieel gezond en vol vertrouwen verder op weg naar het 66-jarig jubileum.
Sjaak Kroon


Hoe Middelaar het varkensland geworden is…
Het Bestuur van CV De Krölstarte kreeg van erelid en oud-Prins Piet Siebers (1969) onderstaand relaas toegespeeld. Het is door hem opgetekend op basis van mondelinge overlevering. Zijn belangrijkste bron was amateurhistoricus Pastoor Th.W.J. (Thei) Driessen die van 1945 tot 1961 pastoor was in Middelaar en daar na de oorlog een nieuwe kerk bouwde. Het verhaal maakt duidelijk hoe het komt dat in Middelaar het varken, de krölstart, zo’n belangrijke rol speelt. Dat is belangrijke informatie voor iedereen die zich afvraagt waarom er voor d’n Trog in Middelaar een monumentale Krölstart staat.

Naaikransje
Het zal rond 1890 geweest zijn toen in Gennep op een naaikransje een stel dames kousen en onderbòkse aan het stoppen was. En uiteraard hadden ze elkaar tijdens het verstelwerk wel het een en ander te vertellen. Eén dame had groot nieuws. Bij haar slager hadden ze zo’n lekkere worst en ham, zoiets lekkers had ze nog nooit geproefd. Ze haalde een paar stukjes uit de keuken en er werd geproefd. En hoe, ze waren er allemaal wild van, zo lekker was het. Natuurlijk wilden ze allemaal weten waar die worst vandaan kwam. Ze vertelde het en het gevolg was dat iedereen bij die slager worst ging halen.

Geheim recept
Al snel kreeg de slager de vraag hoe het toch kon dat zijn worst zo lekker was. “Dat is het geheim van de vakman,” was alles wat hij kwijt wilde. Maar het verhaal ging rond en ook de andere slagers in de buurt waren erg nieuwsgierig hoe het zat en wilden het naadje van de kous weten. Ze kwamen er toen achter dat de slager zijn varkens in Middelaar haalde en niet in Ottersum zoals de meeste slagers toen deden. Dat was dus het geheim. Maar wat nou precies het geheim van de Middelaarse varkens was, wisten ze daarmee nog niet. In Middelaar wisten ze dat natuurlijk maar al te goed: wat lekker en goed is voor de mens is ook goed voor het dier. Daarom werden de varkens in Middelaar bijgevoerd. Ze kregen naast hun normale voer uit d’n bruspot nog iets extra’s. Dat waren bosvruchten zoals kastanjes, eikels, dennenappels en brombèère. Daardoor kreeg het vlees een heel bijzondere smaak.

Ramp
In Middelaar was dat al heel lang bekend en in Gennep wisten ze het nu dus ook. Daarom kochten de slagers uit Gennep hun varkens voortaan in Middelaar en bleven de boeren in Ottersum met hun varkens zitten. Het was een regelrechte ramp. Er moest iets gebeuren. In Ottersum liepen al mensen rond die hun broek niet meer dicht konden omdat ze al hun varkensvlees noodgedwongen zelf moesten opeten. Er werd druk vergaderd over het geheim van Middelaar en er werd van alles bedacht. Maar ze kwamen er niet uit. De stemming werd vijandig en er klonk zelfs oorlogstaal. “Ze moesten met z’n allen maar eens naar Middelaar om verhaal halen. Wat dachten die boeren uit Middelaar wel, die Middelaarse varkens. De Ottersumse jonge boeren moesten maar eens op vrijerspad gaan in Middelaar en er zo proberen achter te komen wat het geheim was. Dat zou ze wel leren daar.” Maar de Middelaarse schonen waren daar absoluut niet van gediend want die uit Ottersum, vonden ze, hadden het een beetje hoog in de bol. Dat werd dus niks.

Veldslag
Dan maar met z’n allen naar Middelaar om ze daar mores te leren. Er werd afgesproken dat men samen zou vertrekken bij Marie Gruus van Café d’n Alden Tol. En zo ging de stoet op pad, tien, twaalf man sterk, op de klompen, gewapend met stokken en weinig verstand, bij de Drie Kronen de Bloemenstraat in richting Middelaar. Maar bij Jan Laarakker werd een man naar Middelaar gestuurd met de boodschap dat men zich moest voorbereiden op de komst van een troep boze boeren uit Ottersum.

Redding van boven
In Middelaar verschanste men zich bij de Kolk tegenover de kerk. Dat was handig want als er kwaadwilligen waren konden die zo in de plomp worden  gekieperd. De Pastoor zag het allemaal gebeuren. Hij vertrouwde het niet en was bang dat het uit de handzou lopen. Hij keek naar de hemel en riep tegen zijn hoogste baas “Doe iets, doe iets!” En toen begon het plotseling heel hard te regenen en te stormen. Het “verstand” zegevierde, de kemphanen kwamen tot inkeer en iedereen droop af naar huis. Maar het Middelaarse varken was voortaan een begrip en Middelaar werd bekend als het varkensland. Dat verklaart ook de naam van de Carnavalsvereniging De Krölstarte. Het is een eerbetoon aan het Middelaarse varken.

Scroll naar boven